Generatieverschillen en -overeenkomsten
op de werkvloer

Een tweeluik met onze jonge stagiair Julie van den Boom en onze senior teammanager MEPD Zuid Tanja Janssen. Beiden reageren op stellingen, zoals persoonlijke ontwikkeling, werkdruk, de rol van de leidinggevende vanuit eigen generatie, ervaring en beleving. Benieuwd waar de verschillen en overeenkomsten zitten? Lees mee!

De mensen maken de organisatie?

Julie: Ja, ik ben het eens met deze stelling, omdat ik vind dat de mens een cruciale rol speelt in het functioneren van een organisatie. Kennis en samenwerking tussen mensen zijn daarbij erg belangrijk. Ik hecht waarde aan een mensgerichte benadering en vind dit belangrijker dan een taakgerichte aanpak. Bij MEPD vind ik het mooi dat er een focus is op het individu binnen een organisatie. Er wordt gekeken naar de behoeften van mensen en hoe het met hen gaat. Dit vind ik belangrijk, omdat individuen optimaal kunnen functioneren wanneer ze goed op hun plek zitten of in hun vel zitten. Bovendien wordt bij MEPD aandacht besteed aan onderlinge betrokkenheid, waar iedereen interesse toont en bereid is elkaar te helpen. Dit aspect is voor mij van groot belang om mij thuis te voelen binnen een organisatie.

Tanja: Hier ben ik het ook volledig mee eens: de mensen zíjn de organisatie. Aanvullend op Julie; binnen MEPD staan onze coaches centraal. Wanneer zij zich ontwikkelen, prettig en veilig voelen, kunnen ze nog meer betekenen voor de kandidaat of klant. Voor mijzelf geldt, dat ik me thuis voel als ik gezien word. Dat ik mag zijn wie ik ben.

Belang van persoonlijke ontwikkeling en de werkgever's verantwoordelijkheid?

Tanja: Ontwikkelen doe je levenslang. De tijd, de wereld gaat snel en je zult wel mee moeten. Maar dat houd je ook jong. Het leven is interessant en bied je veel. Het is niet altijd een cursus die je de tools geeft, ook het leven bied je veel als je het kunt zien. Het leven is geen generale, je moet het er meteen mee doen. Eigenlijk is dat de grootste leerschool, dat probeer ik ook de jongere generatie mee te geven. Als werkgever heb je de verantwoordelijkheid om je medewerkers relevante trainingen en workshops aan te bieden om vaardigheden en kennis op peil te houden. Ook moet er gelegenheid zijn om intervisie te hebben met elkaar.

Julie: Ik vind persoonlijke ontwikkeling erg belangrijk en vind het prettig om mezelf steeds verder te ontwikkelen tot een betere versie van mezelf. Mijn groei ontstaat onder andere door te leren van fouten, het ontvangen van feedback van anderen (zowel op het werk als privé) en door zelfreflectie. Ik ben van mening dat een werkgever deels verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van zijn medewerkers. Het is naar mijn idee de taak van een werkgever om te peilen of een medewerker openstaat voor ontwikkeling. Dit hoeft niet vaak te gebeuren, bijvoorbeeld één keer tijdens een gesprek. Daarin kan worden onderzocht of de werknemer interesse heeft om zichzelf te ontwikkelen. Daarnaast vind ik het de verantwoordelijkheid van een werknemer om aan te geven of hij/zij zich wil ontwikkelen en bereid is mee te gaan met veranderingen.

Hoe zie jij je ideale leidinggevende? Welke kwaliteiten bezitten ze?

Julie: Ik hecht waarde aan open communicatie met mijn leidinggevende, waarbij ik alles kan bespreken. Het is belangrijk voor mij dat hij/zij een luisterend oor biedt en mij (zorgen) serieus neemt. Bovendien vind ik het prettig als het contact laagdrempelig is en ik gemakkelijk in gesprek kan gaan. Als stagiair zou ik wekelijks contact willen hebben met mijn begeleider. Dit hoeft niet lang te zijn, maar ik kan het dan hebben over het hoe het gaat met mezelf of de stage, eventuele uitdagingen te bespreken en vragen te stellen. Als ik in vaste dienst ben bij een bedrijf, zou ik aan het begin van mijn carrière graag maandelijks of eens in de twee maanden een gesprek hebben. Tijdens deze gesprekken kan ik mijn ervaringen delen, eventuele obstakels bespreken en vragen stellen die op dat moment relevant zijn.

Tanja: Een ideale leidinggevende heeft soft skills en respect. Daarnaast is duidelijkheid en eerlijkheid zeer gewenst voor mij. Je moet samen met je leidinggevende kunnen sparren, optrekken om je gezamenlijke doel te kunnen bereiken. Beiden ben je verantwoordelijk, maar de uiteindelijke beslissing neemt de leidinggevende, maar altijd even in overleg of onderbouwt. In mijn eigen rol als leidinggevende wil ik graag dat de medewerker zichzelf kan zijn en een open relatie heeft met mij. Regelmatig even samen om tafel, bij problemen samen kijken wat we er aan kunnen doen. Durven te benoemen waar het niet goed loopt en zorgen voor een oplossing. Dit moet wel van twee kanten komen. Het is geen eenrichtingsverkeer. Ik durf mezelf ook kwetsbaar op te stellen en hoop dat dit ook er voor zorgt dat mijn collega zichzelf kan zijn. Je privé leven kun je niet echt scheiden van je werk. Het is een onderdeel van wie je bent en mag er dus ook zijn op je werk. Regelmatig komen we ook als team bij elkaar. Iedereen kan hier aan bijdragen. Ik vind het ook belangrijk en zelf een must dat men onderling, zonder mij, ideeën uitwerkt, over de Business spart. Of elkaar om hulp/inzicht durft te vragen. Ik ben een onderdeel van het team, dus ik hoef niet alles te weten en/of te kunnen.

Hoe ga jij om met werkdruk? Hoe kan een werkgever helpen bij de balans werk-privé?

Tanja: Werkdruk is tegenwoordig een toverwoord. Werkdruk ervaar je zelf. Wat is dat? Vaak leg je die zelf op of creëer je deze in je hoofd. Het leven is soms in balans, dan weer onrustig. Je zal zelf moeten bepalen hoe je er mee omgaat. Als werkgever kun je alleen maar meedenken en faciliteren wanneer de medewerker aangeeft dat het werk teveel is. Dus heb je het lastig, vraag dan om hulp. Ben eerlijk naar jezelf en je leidinggevende. Waar komt de druk nu echt vandaan? Verwachtingen maak je zelf. Durf bij onbalans het je tegen je leidinggevende te zeggen. We zijn geen robots, dus de boog kan niet altijd gespannen zijn. En dat hoeft ook niet. Menselijkheid, van jezelf houden en realistisch zijn, brengen je ver. Als je werkdruk blijft ervaren, ondanks hulp, kan het zijn dat het werk niet meer past. Dan ga je op zoek naar een andere baan. Niet erg toch?

Julie: Ik zorg ervoor dat ik ontspanning ervaar zowel tijdens als buiten mijn werk. Het is voor mij van belang om mijn pauzes te respecteren en tijd vrij te maken voor mezelf of om over niet-werk gerelateerde onderwerpen te praten/denken. In mijn vrijetijd zorg ik ook bewust voor momenten van rust. Daarnaast sport ik 2 à 3 keer per week om mijn hoofd leeg te maken en positieve energie op te doen. Ik probeer regelmatig activiteiten te doen waar ik energie van krijg of blij van word. Een werkgever of leidinggevende zou kunnen bijdragen door eens in de twee maanden te informeren hoe het met me gaat en hoe ik de werkdruk ervaar. Zo krijg ik de kans om aan te geven als ik last heb van werkdruk, omdat ik dit vanuit mezelf minder snel zal zeggen. Ook is het van belang dat een werkgever goed luistert naar wat ik en mijn collega’s zeggen, bijvoorbeeld over de hoeveelheid afspraken die we hebben, of we ’s avonds werken en op onze vrije dagen.

Hoe ziet jouw ideale baan eruit? En wat vind je leuk aan samenwerking met de andere generatie?

Julie: In mijn ideale baan wil ik mensen helpen met hun vragen, het liefst door middel van coaching. Ik werk graag op locatie, maar het is ook prima als ik maximaal één dag thuis werk voor administratie of voorbereidingen. Mijn ideale werktijd begint om 9 uur en eindigt rond half 6 zonder dat ik ’s avonds extra uren hoef te maken. Ik denk dat het waardevol is om met een oudere generatie te werken, omdat zij veel kennis hebben opgedaan in de afgelopen jaren en meer levenservaring hebben. Aan de andere kant hebben jongere generaties de nieuwste kennis vanuit hun recente opleiding. Samen kunnen deze generaties een waardevolle aanvulling vormen voor een bedrijf. Ze kunnen elkaar aanvullen en kritisch kijken naar elkaars aanpak.

Tanja: Ik héb mijn ideale baan. Vrijheid, leuke collega’s, af en toe thuis werken, soms even gas erop. Altijd nieuwe ontwikkelingen bij MEPD, in het bedrijfsleven, bij onze klanten. Wat wil je nog meer. De jonge generatie houdt je fris, kijkt soms anders tegen dingen aan en dat is prima. Niemand heeft de monopoly op de waarheid. En we deden het vroeger ook al zo, of dat hebben we altijd zo gedaan komt in mijn leven niet voor. Ik leef en werk nu samen met jonge en oudere collega’s, klanten en mijn(klein)kinderen. Natuurlijk heb ik levenservaring maar die kun je soms lenen als je wil, maar die is van mij en zet ik in wanneer het mij/ons goed uit komt. Iedereen mag zelf zijn of haar levens ervaring opdoen. Het is altijd goed.

 

Meer weten over het managen van generatieverschillen en hoe je je leidinggevenden daarin een sterke rol geeft? Neem gerust vrijblijvend contact op met Tanja.

Deel dit artikel

Blijf op de hoogte

De wereld verandert snel. Techniek en de manier waarop we samenwerken ontwikkelen zich in hoog tempo. Wij houden het voor je bij. Schrijf je nu in voor maximaal 1 digitale nieuwsbrief per maand, met voor jou relevante informatie.